Dit is een vraag die ik regelmatig hoor tijdens trainingen. De oorzaak? Feedback wordt te vaak als een zending gezien, niet als een dialoog.
We kennen allemaal de 4G’s van feedback geven (Gedrag – Gevoel – Gevolg – Gewenst gedrag). Handig, maar we slaan de cruciale stap over: afstemming.
Mijn beste tip om dit te voorkomen ? Begin met luisteren.
Start met het neutraal benoemen van feitelijk gedrag. Geen oordeel. Geen interpretatie. Gebruik dit moment om te checken of je op dezelfde lijn zit:
“Gisteren tijdens de overdracht onderbrak je me. Weet je dat nog?”
Herkenning? De verbinding is er. Je kunt verder met je feedback.
Geen herkenning? Dan was het gedrag niet specifiek genoeg benoemd, of kwam de feedback te laat. Zoek samen naar wat wél herkend wordt.
Dit is het moment waarop de dialoog begint.
Nieuwsgierig luisteren is cruciaal, ook tijdens de rest van het gesprek:
- Stel open vragen: Hoe zie jij dat zelf?
- Geef ruimte: Laat stiltes toe.
- Check: Dus je bedoelt dat…?
- Let op non-verbale signalen. Soms krijg je enkel non-verbaal een reactie.
Communicatie in de zorg vraagt om afstemming, geduld en echte verbinding. Stop met zenden, start met de dialoog.

